2 PODCAST MACROKOSMO – MICROKOSMOS

MICROKOSMOS TAOÏSME

De tekst is te beluisteren via

https://us7.campaign-archive.com/?e=__test_email__&u=8a8672b6a4e4b4b3f1dde4598&id=fbfb9fb7a2

.

  1. HET MYSTERIE IN ONS

Wat Tao is weet niemand.

Tao is niet iets, in de zin van alles dat we kennen, kunnen berekenen,

voelen, bedenken of ons voor kunnen stellen.

In die zin is Tao Niets. Maar uit dat Niets zijn alle ietsen voortgekomen.

Wij leven in een wereld die tijdelijk is, maar deze is niet de enige werkelijkheid, want ze maakt deel uit van een oneindig groot veld van zijn.

We zouden dit kunnen vergelijken met de reikwijdte van ons gezichtsvermogen. We zien maar een heel klein deeltje van het gehele elektromagnetische spectrum. Dit spectrum is maar liefst zo’n tien biljoen keer groter dan ons zichtbare licht.

Dat is een tien met twaalf nullen; we kunnen ons er niets bij voorstellen.

We leven in een veld van bestaan dat gebonden is aan een ruimte, ons universum.

Alles daarin is tijdelijk.

Daarnaast heeft alles daarin twee kanten, een plus en een min.  

Maar wat we uit het oog zijn verloren is dat ons bestaan ingebed ligt in een spectrum van ‘zijn’ dat oneindig is.

Daarin zijn tijd noch ruimte, alleen een niet voor te stellen grote Eenheid.

De mens in onze maatschappij wil zich kunnen ontplooien, zijn potentie verwerkelijken. Maar hoe kunnen wij dat doen wanneer we ons alleen maar focussen op dat één biljoenste deel van ons zijn,

en niet op het grote geheel waarbinnen we ingebed liggen?

Hoe kunnen we ten diepste Mens zijn wanneer we ons wel verbinden met het vele,

maar voorbijgaan aan de achterliggende volkomen Eenheid? [1]

In het dagelijks leven lijkt dit ver van ons vandaan te zijn.

Maar zowel de oude Taoïsten als de moderne Rozenkruisers zijn zich ervan bewust dat de grote Eenheid ons nader is dan handen en voeten; zij is in ons hart.

In de Ney Ye, ‘De weg van het innerlijk’, wordt hierover in poëtische taal het volgende gezegd:

Als ons hart vredig is, dan zijn ook onze zintuigen vredig

Dat wat ze geordend maakt, is ons hart

Dat wat ze vredig maakt, is ons hart

Het hart bevat op zijn beurt een Hart

In het hart bevindt zich nog een ander Hart [2]


[1] Elly Nooyen, Hart voor Tao, inleiding

[2] Dianne Sommers, De Chinese fascinatie voor de geest, pag. 64

.

2. DE MACROKOSMOS

In de Daodejing staan verschillende verzen met elkaar in verband,

en vullen elkaar aan. In het eerste vers van de Daodejing wordt gezegd:

Niets’ is de naam voor het begin van hemel en aarde.

‘Bestaan’ is de naam voor de moeder van de tienduizend dingen.

Het bestaan wordt mogelijk door de dynamische werking die van Tao uitgaat:

de Teh. Tao en Teh worden tezamen ‘de Grote Oorsprong’ genoemd.

Vers 40 van de Daodejing licht het mysterie toe dat uit deze oorsprong afkomstig is:

Alle dingen in de wereld komen van het ‘iets’.

Het ‘iets’ is ontstaan uit het ‘niets’.

Het is mogelijk dat je vindt dat dit alles ver van ons af staat.

Echter, doordat Tao-Teh alomtegenwoordig is,  

manifesteert ‘de Grote Oorsprong’ zich ook in onze tijdelijke wereld.

Zij omhult haar en is in alles ‘in het Midden’.

Het mysterie is ook in ons !

Misschien denken we nu dat er dus twee verschillende werelden zijn.

Eén wereld van de vele ‘ietsen’ die we kennen,

en een andere wereld die buiten de onze bestaat.

Maar er bestaat een verbinding tussen Tao die ‘niets’ is – in de zin van niet-iets

en met ons die een van de tienduizend tijdelijke ‘ietsen’ zijn.

Deze verbinding bestaat uit de werking die van Tao uitgaat: de Teh.

Teh is transcendent:  

een alles overstijgende verbindingsweg tussen Tao en al het bestaande.

Teh is tegelijkertijd ook immanent:

is werkzaam in alle tienduizend dingen, dus ook in ons.

Het is tot ons gekomen via een proces van vele transformaties.


.

3. TOT LEVEN WEKKEN

In vers 42 van de Daodejing wordt over het allereerste begin van deze transformaties gesproken:

Tao wekt het Ene tot leven.

Er wordt dus niet iets geschapen, maar tot leven gewekt.

Deze manier van uitdrukken houdt in dat het Ene al in Tao-Teh was,

Echter, alleen in nog latente staat.

Misschien klinkt dat wat vaag. We zouden het kunnen vergelijken met een zaadje waaruit zich een bloem ontwikkelt.

Het zaadje schept de bloem niet, want de potentie om een bloem te worden is één met het zaadje.

Door de werking die van Tao uitgaat, de Teh, wordt het Ene tot leven gewekt.

In het Ene is Tao ‘in het midden’ en het  wordt gevoed door de Teh.

Tao, Teh en het Ene vormen een energieveld, Qi genoemd in het Taoïsme.

Dit veld wordt genoemd:

De Oorspronkelijke Natuur”.

We zouden vers 42 als een soort scheppingsmythe kunnen zien, maar zonder God. 

Het Chinees kent ook geen term voor ons begrip ‘God’.

Het kent in plaats daarvan het begrip: shenming 神命.

Dat betekent: uitstraling van de oorspronkelijke kracht.

Dit is van grote betekenis omdat deze kracht – evenals Tao-Teh -alomtegenwoordig is.

Dat houdt in dat zij ook in onze wereld werkzaam is, en daarom ook in ons !

Wij zijn zowel omhuld door, als doordrongen van de Oorspronkelijke Natuur.

Toch lijkt dit buiten ons bewustzijn te staan.

De Britse godsdienstwetenschapper Karen Armstrong zegt hierover:

Omdat de Tao aanwezig is in ons, zijn er geen geleerde verhandelingen nodig

– we hoeven alleen maar ons ego los te laten, en ons af te stemmen op de heilige natuur.

In plaats van zich vast te houden aan zijn standpunten en ruzie te maken,

ontwikkelt de wijze wat we een rechterhelftvisie op de wereld kunnen noemen,

waarin tegengestelden zich  verenigen.

Hierdoor is hij in staat een transcendente visie van de Tao te hebben. [1]

Als methode is dit zeer eenvoudig,

maar in de praktijk is ons ego loslaten heel erg moeilijk voor ons.

Echter, de uitstraling van de oorspronkelijke natuur is in ons hart.

Steeds wanneer we ons daarvoor openstellen ‘zijn we heel even niet van onszelf vervuld, en hierdoor vervult de oorspronkelijke Natuur  ons met het Ene’


[1] Karen Armstrong, De Heilige natuur, pag. 59-60,

.

4. HET ENE

Bij ‘het Ene’ denken we misschien aan een gelukzalige wereld van absolute eenheid, zonder strijd, waarin alles in opperste harmonie verkeert

en waar in feite nooit iets gebeurt,

in die zin dat alles volkomen gelijkmatig is en blijft.

Het Ene is één in de betekenis van: zonder tegenstellingen, en zonder grenzen.

Het Ene kent geen plus of min, dag of nacht, man of vrouw.

Het Ene is ‘vol’, vol aan vermogen en informatie.

Het Ene is echter ‘leeg’ aan vorm en materie.

Het wordt daarom ook wel een ‘volle leegte’ genoemd.

Het Ene is een eerste uitdrukking van de werking van Teh.

Of anders gezegd: uit het niet-iets komt een eerste ‘iets’ voort.

En dit weerspiegelt zich in ons

Vanuit de Rozenkruis wijsheid wordt hierop als volgt ingegaan:

Het pad, de Weg, Tao,  leidt tot het niet-zijn, en tot het zijn, zegt Lao Tse.

Het niet-zijn is de grond van de al-openbaring;

het zijn is de Moeder aller dingen.

Het niet-zijn beduidt niet: niet bestaan, of in het geheel niet zijn,

doch het is de absolute, oorspronkelijke toestand,

de oorspronkelijke, onsterfelijke heerlijkheid.[1]

Deze heerlijkheid draagt ons met zich mee;

en wij ervaren dit wanneer ons hart stil is geworden.


[1] J. van Rijckenborgh, Chinese Gnosis, p 27

.

5. MICROKOSMOS

Zowel volgens de Chinese opvatting als die van het Rozenkruis is de mens een kleine kosmos.

Alles wat zich in het groot voltrekt, spiegelt zich in het klein in ons.

Wij leven echter in een wereld waarin niets één is,

Omdat daarin alles altijd in zijn tegendeel verkeert.

We kunnen dan ook op bepaalde momenten in ons leven

een diepe hunkering ervaren naar de rust van een ultieme Eenheid.

Het is als een heimwee naar iets dat wij ooit gekend hebben,

maar vergeten lijken te zijn .

Streven we er vanuit onze persoon naar,

dan is het als onbereikbaar ver weg.

Maar wanneer we onszelf vergeten is ‘Het’ ons zeer nabij.

De vervulling van ons verlangen is echter niet buiten ons te vinden, 

want zij bevindt zich reeds in de diepte van ons hart.

Ook in de Rozenkruis wijsheid wordt hierover gesproken.

We eindigen met een tekst uit de Chinese Gnosis.

De microkosmos is geen uitzondering op de macrokosmos.

‘Zo boven zo beneden’.

Ook in de microkosmos is Tao aanwezig en wel ‘in het midden’.

Het midden, dat correspondeert met het lichamelijke hart.

Dit is het grote wonder van Tao..[2]

[2] J. van Rijckenborgh, De Chinese Gnosis, p. 215

  One Reply to “2 PODCAST MACROKOSMO – MICROKOSMOS”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.