10. DE POORTWACHTER. ONZE AARDSE NATUUR

Hoewel de wereld prachtig is,

is zij gekleurd en gevormd.

De wereld bestaat uit ontelbare dingen

die allemaal hun eigen plaats innemen.

De geest is niet gekleurd of gevormd.

Zij is niet een van de vele dingen,

en heeft geen specifieke plaats.

Daarom kan zij de wereld doordringen.

Yin Xi de Poortwachter



Deze uitspraak van de Poortwachter maakt duidelijk dat de alomtegenwoordige geest ‘leeg’ is  aan alles wat onze wereld kenmerkt. Doordat de geest geen ‘ding’ is kan zij de wereld van de dingen doordringen.

Maar het omgekeerde is niet het geval: doordat de tienduizend dingen kleuren, vormen en specifieke plaatsen hebben, kunnen ze geen deel uitmaken van de geest, want deze is immers leeg.

Geest wordt hier gezien als de wortel van al het bestaande ofwel: de oorspronkelijke natuur (zie: Poortwachter 9 )

Onze wereld is vol van kleur en vorm, (en nog heel veel meer). Dit alles ligt over de wortel heen, zodat deze zich niet goed aan ons kan manifesteren. Maar hoe is dit zo gekomen? En vooral: wat heeft het ons te zeggen?

In Poortwachter 8 werd gesproken over het Ene dat de Twee tot leven wekte. De Twee zijn de twee manieren waarop de ene Qi zich manifesteert: als oer-Yin en als oer- Yang. Samen zijn ze één binnen het Ene, en het Ene is in Tao. Hoewel dit eenvoudig gezegd is, ligt deze eenheid voor ons verborgen achter de sluiers van een groot mysterie.




In onze wereld zijn er ook steeds twee, bijvoorbeeld: dag-nacht; man-vrouw; warm-koud; hoog-laag; mooi-lelijk, enz. Het zijn twee zijden van één medaille.

Want dag en nacht vormen samen één etmaal; man en vrouw zijn twee vormen van menszijn; warm en koud zijn twee uitersten van temperatuur; hoog-laag twee extremen van maat, en mooi en lelijk zijn twee tegenover elkaar liggende  emoties, enz.

Het denken van de westerse mens is sterk analytisch, hierdoor worden de twee vaak opgevat als los van elkaar staande eenheden. Hierdoor ontstaat kennis over hun specifieke eigenschappen, de wetenschappelijke kennis wordt erdoor vergroot, maar het geheel dreigt erdoor verloren te gaan.

Het Chinese denken ziet de twee uitersten van één geheel. Daartussenin liggen fasen waarin de dingen zich ontwikkelen en manifesteren. Denk daarbij bijvoorbeeld aan dag en nacht. De tussenliggende uren vormen de overgang tussen beide. Ieder uur heeft zijn eigen kwaliteit.




In onze kosmos bestaat tijd. Alle vormen in de kosmos zijn dan ook van tijdelijke aard.

De Qi, die tijdloos is, moet zich bij het tijdelijke aanpassen. Want wanneer het oer-Yin en Yang  in pure vorm zich in de tijd zou uitdrukken, zouden de dingen in een flits ontstaan om ogenblikkelijk weer te vergaan. Er zou dan geen ontwikkeling mogelijk zijn.

Daarom drukken Yin en Yang zich in onze wereld uit in een cyclus van vijf fasen.

Op deze manier heeft de ene Qi zich aangepast aan de tijdelijkheid.

Er treedt als het ware een vertraging op, er ontstaan tijd en ruimte waarbinnen de tienduizend dingen zich kunnen ontwikkelen. We zouden ons die vijf fasen van de ene Qi voor kunnen stellen als een lint van energie dat in zichzelf gewonden is, zonder begin, en zonder eind.

Deze  vijf fasen houden het volgende in:

In de eerste fase wordt ieder van de tienduizend dingen geboren.

In de tweede fase groeien ze op.

In de derde komen ze tot bloei.

In de vierde fase neemt hun kracht af.

De vijfde is een neutrale fase, een rustperiode.

Daarna begint de cyclus weer van voor af aan. Hoewel de tienduizend dingen van elkaar verschillen, doorlopen ze allemaal deze zelfde vijf fasen.

Yin Xi vat dit proces kernachtig samen:

Het universum is in beweging.

De mens is in ontwikkeling.

Alle dingen rijzen op.

Bereiken hun volle kracht.

Gaan onder.

Dat is de eindeloze cyclus van op- en neergaan.





De vijf fasen zijn afspiegelingen van Yin en Yang.

Yin (zwart) draagt de kern van Yang in zich, en Yang (wit) de kern van Yin.

Ieder van de vijf fasen draagt de kern van een van de andere vijf in zich. Het is de ene Qi die zich op steeds complexere manier uitdrukt in de tienduizend dingen En steeds is daar Tao als de wortel; het onveranderlijk Midden.

Vanaf onze geboorte tot onze dood maken wij voortdurend nieuwe ontwikkelingen door. Ook daarin zijn de vijf fasen te herkennen.

Door al deze ervaringen groeien we als persoon, en ontwikkelen we specifieke eigenschappen; we worden steeds rijper.

De ontwikkeling van een stevige persoonlijkheid is noodzakelijk om ons staande te kunnen houden in een complexe wereld.

Paradoxaal genoeg is het zo dat hoe méér persoon er is ontwikkeld, hoe minder de Wortel in het midden tot ons door kan dringen. We hebben er als het ware een stevige muur omheen gebouwd, en de stenen ervan zijn de vele facetten van onze unieke persoon.


We zouden er ontmoedigd door kunnen raken, want we zijn nu eenmaal op onze persoonlijke ontwikkeling gericht, en sluiten hierdoor het mysterie buiten.

Maar hoe kunnen we dit dan veranderen?

De mogelijkheid wordt ons geboden doordat ene Qi alles in onze wereld doordringt. Ook al gebeurt dit op vijfvoudige wijze, de Qi blijft in wezen één.

Maar omdat Qi aan tijd noch ruimte gebonden is, vormt ieder miniem deel van deze weg een poort die toegang geeft tot de oorspronkelijke natuur, tot de wortel in het midden.

.Qi is een geschenk dat onze weg door het leven mogelijk maakt. Want zoals Yin Xi zegt:

Omdat de geest leeg is kan zij de wereld doordringen


In de volgende blog zullen we aan de hand van uitspraken van Yin Xi onderzoeken wat ervoor nodig is om door deze poort te kunnen gaan.

  2 Replies to “10. DE POORTWACHTER. ONZE AARDSE NATUUR”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *